10 oktober 2003

PvdA en brandveiligheid

Brandveiligheid

In de commissie Algemene Zaken werd op 9 oktober het gemeentelijk beleid inzake brandveiligheid besproken. Al vele maanden bestaat er onduidelijkheid over de vraag in hoeverre het eigenzinnige beleid van Amsterdam -dat erg hoge eisen stelt aan de brandveiligheid van publieksgebouwen- op goedkeuring van ‘Den Haag’ kan rekenen. Eigenaren van theaters en discotheken worden verplicht tegen hoge kosten bijvoorbeeld nieuwe nooduitgangen te realiseren, en begrijpelijkerwijs zijn de eerste rechtszaken hier al over gevoerd. Nu lag er dan een brief van de minister van VROM, die aangaf dat de lagere eisen die landelijk gelden, ook door Amsterdam moeten worden gehanteerd. Het gaat dan met name om een maximum van 135 personen per meter breedte van vluchtwegen dat is toegestaan in een publieksgebouw, in plaats van de 90 die Amsterdam stelt. Bij voortdurend intensief gebruik van gebouwen die oorspronkelijk niet als theater etc. zijn ontworpen, kan de gemeente aanvullende voorzieningen eisen als dat per geval wordt gemotiveerd.

Uit het veld (met name van theaters en horeca) kreeg de PvdA-fractie signalen dat bepaalde instellingen inmiddels met behulp van juridische ondersteuning een op maat gesneden behandeling hebben afgedwongen. Omdat echter niet iedereen zich dat kan veroorloven, ligt ongelijke behandeling op de loer. Dat is ongewenst, en reden voor de fractie om aan de bel te trekken.

Ten eerste vroegen wij naar de mening van de burgemeester wat de interpretatie van de nieuwe instructies van VROM betreft. Hier werden we het snel over eens: maatwerk is nodig.

Ten tweede stelde de PvdA-fractie voor om een lawine van rechtzaken te voorkomen, door een eenduidige behandeling te garanderen. Een oplossing die we de burgemeester suggereerden is het instellen van een arbitragecommissie, die bij geschillen tussen de adviserende brandweer, de beoordelende gemeente en de protesterende uitbater tot een weloverwogen afweging kan komen. De burgemeester voelde daar echter (ondanks steun van de VVD en Groen Links voor deze suggestie) nog niets voor: hij wil eerst een jaar lang bekijken hoe de handhavingspraktijk zich ontwikkelt.

In de derde plaats vroegen we de burgemeester de Raad op de hoogte te houden van het aantal bezwaarschriften, onderlinge schikkingen, lopende juridische procedures en claims. Ook willen we inzicht krijgen in de kosten, die gemoeid zijn (geweest) met de aanpassingen van met name gesubsidieerde instellingen. Ook hier sputterde de burgemeester tegen, maar uiteindelijk zal die informatie er toch gaan komen.

Na de caf├ębrand in Volendam en de vuurwerkramp in Enschede is brandveiligheid een onderwerp waar niemand nog lichtvaardig over wil doen. Ook voor de PvdA-fractie staat een goede brandveiligheid vanzelfsprekend voorop. Dat ontslaat ons echter niet van de verantwoordelijkheid om goed te kijken wat bepaalde normen betekenen voor theaters, discotheken, kerken en andere publieksgebouwen in met name monumentale panden. Je kunt in het Concertgebouw nu eenmaal niet zomaar de zijmuren door gaan breken. De Brandweer is, na jarenlang door de politiek te weinig op strikte handhaving te zijn aangestuurd, nu geleidelijk ervaring met het nieuwe regime aan het opdoen. Ondernemers en handhavers moeten duidelijk nog wennen aan elkaar.

Dat ondanks de gevoelde urgentie ook nu nog niet alles van een leien dakje gaat, mag blijken uit de voortgangsrapportage van door de Brandweer afgegeven adviezen en door stadsdelen verstrekte gebruiksvergunningen, die de commissie AZ kreeg aangeboden. Er was een inhaalslag aangekondigd: in vier jaar tijd zou alles op orde moeten zijn. Iedere school, creche en kroeg geïnspecteerd en aangepast op voldoende brandveiligheid: ruim tienduizend vergunningen in heel Amsterdam, waarvan 4.481 in Amsterdam-Centrum. In de praktijk schiet het evenwel totaal niet op: nog geen 3 procent van de vergunningen is tot dusver verleend, terwijl er al anderhalf van de vier jaar om zijn. Sommige stadsdelen hebben zelfs nog vrijwel geen enkele vergunning afgegeven. Cohen toonde zich evenals de Raad verontrust over deze vertraging, en kondigde aan met de stadsdelen een stevig gesprek te gaan voeren. Mocht dat niet helpen, dan volgen andere maatregelen. Over welke dat precies zijn liet hij zich nog niet uit. Wij blijven alert.