25 februari 2004

amendement wibo

Gehoord de discussie over de voordracht van Burgemeester en Wethouders van 5 februari 2004 inzake de wijziging van de Subsidieverordening stedelijke vernieuwing Amsterdam 2001 (Gemeentebladafd 1, nr. 82);

Besluit:

1.De voorgestelde wijziging genoemd onder I in artikel 4 als volgt te formuleren:

Artikel 21 wordt gewijzigd als volgt:

1.Het vijfde lid komt te luiden;

Subsidie als bedoeld in de eerste leden van artikelen 22 en 28 wordt niet verleend voor de projecten Zuidwestkwadrant, Overtoomse Veld-noord, Buurt Ne9en en Lelylaan in de Westelijke Tuinsteden.

2.Het zesde lid vervalt;

3.Het zevende en achtste lid worden vernummerd tot zesde en zevende lid.

2.Het genoemde onder I, artikel 7 in lid 1 sub a en b van art. 29 te schrappen en aan de eerste zin van lid 1 na “…., een subsidie verlenen van” toe te voegen: € 23.000,-;

3.Het genoemde onder I, artikel 8 in lid 1 sub a en b van art. 30 te schrappen en aan de eerste zin van lid 1 na “…, een subsidie verlenen van” toe te voegen: € 32.000,-;

Toelichting:

Er is in de stad een grote behoefte aan WIBO-woningen en rolstoelgeschikte woningen. De in het verleden afgesproken aantallen te bouwen WIBO-woningen worden tot nu toe op geen stukken na gehaald. Op 11 december 2003, bij de behandeling van de begroting 2004, heeft de raad daar nog eens op gewezen door de motie De Graaf aan te nemen (afd. 1 nr.772). Daarin wordt het college verzocht uitvoering te geven aan het tot stand brengen van het afgesproken aantal van 8000 WIBO’s voor 2010. Het aantal tot nu toe gerealiseerde rolstoelgeschikte woningen is marginaal. Beide soorten woningen kunnen het meest efficiënt gebouwd worden in de nieuwbouw. Dit type woningen realiseren bij renovatie is zeer moeilijk en nog duurder dan in de nieuwbouw. De verdubbeling van de premie aan corporaties voor de bouw van WIBO-woningen en rolstoelgeschikte woningen naar respectievelijk 23.000 euro en 32.000 euro per woning is een welkome stimulans voor de bouw van deze woningen. Ondanks deze premie blijft overigens het zogenaamde onrendabele deel op deze woningen voor de corporaties nog steeds zeer hoog. In het voorstel van het college wordt een uitzondering gemaakt voor de Stedelijke Vernieuwingsgebieden in de Westelijke Tuinsteden, Noord en Zuidoost (artt. 7 en 8): Voor deze gebieden geldt de verdubbeling van de premie niet. Belangrijkste overweging daarbij is een financiële. In deze gebieden wordt al veel overheidsgeld ingezet en de hogere premies zouden ten koste gaan van het beschikbare geld uit het Erfpachtdeel van het Stimuleringsfonds. Het zou leiden tot het minder beschikbaar zijn van geld voor andere onrendabele investeringen. Een ‘vestzak-broekzak’ effect zou optreden. Dit mag zo zijn maar voor ons telt zwaarder het zo snel mogelijk inhalen van de achterstand in de bouw van WIBO-woningen en rolstoelgeschikte woningen. Wij stellen daarom voor de premieverdubbeling ook van toepassing te verklaren op de Stedelijke Vernieuwingsgebieden. Het verdringingsseffect kan overigens worden voorkomen door de extra kosten te dekken uit het KTA-deel. Weliswaar kan dit betekenen dat ook dit, in tijd en omvang beperkte, budget eerder is uitgeput maar dit is sowieso al een aandachtspunt. Zoals zo vaak geldt ook hier dat zodra het budget op is naar een andere dekking gezocht moet worden om de productie van deze woningen te kunnen blijven stimuleren. In de Stedelijke Vernieuwingsgebieden wordt de komende jaren zo’n 45% van de totale sociale woningbouwproductie gerealiseerd. Wij wensen hiervan optimaal gebruik te maken door ook in deze gebieden de bouw van WIBO-woningen en rolstoelgeschikte woningen te stimuleren met een verdubbeling van de premie.

D e leden van de Gemeenteraad,

Reuten, v/d Garde (PvdA), de Graaf (CDA), van Poelgeest (GL), Bakker (SP), Goring (VVD), Klat (AA/DG)